Oorlog aan het einde van de wereld

De strijd op Nieuw Guinea is een onderbelichte campagne in de geschiedschrijving over WOII. Namen als Guadalcanal, Tarawa, Okinawa en Iwo Jima zijn bijna symbolisch voor de strijd in de Pacific (zeker in de VS) terwijl Kokoda, Gona, Buna, Hollandia en Biak nauwelijks bekend zijn. 

Toch is het een slagveld van gigantische omvang geweest, zowel in de afstanden als de bittere, bloedige strijd die er gestreden is. Vooral de verliezen aan Japanse kant waren van een ongehoorde omvang door de manier waarop de Geallieerde opperbevelhebber, generaal MacArthur, de strijd aanging. Zeker zo'n 120.000 Japanse soldaten kwamen nooit meer de jungle uit, geïsoleerd, uitgehongerd en afgesneden achter Geallieerde linies.

 

Nieuw Guinea had noch voor de Japanners, noch voor de Geallieerden enige waarde van zichzelf. Het was de kust van dit enorme eiland waarlangs de Japanners in 1942 oprukten richting de Solomon eilanden om zo Australië af te kunnen snijden van hulp uit Amerika. Tussen juli en november 1942 vochten de Japanners met Australische en Amerikaanse troepen een verbeten strijd uit in de Owen Stanley Mountains waarin het Japanse leger de zuidkust van Papua Nieuw Guinea wilde bereiken.

Met het verlies van deze epische slag kwam een einde aan de Japanse opmars en begon de lange weg naar de overwinning in de zomer van 1945 door de Geallieerde legers.

  Reports of General MacArthur, THE CAMPAIGNS OF MACARTHUR IN THE PACIFIC, VOLUME I, U.S. Army Center of Military History
Reports of General MacArthur, THE CAMPAIGNS OF MACARTHUR IN THE PACIFIC, VOLUME I, U.S. Army Center of Military History
Institutional Creator: Department of Defense
Institutional Creator: Department of Defense

Generaal Douglas MacArthur kreeg het opperbevel over alle Geallieerde troepen in de SWPA (South West Pacific Area) en begon aan een opmars langs de kust van Nieuw Guinea op weg naar de Filipijnen. Hij had als bevelhebber op de Filipijnen op 17 maart 1942 moeten vluchten voor de oprukkende Japanse legers en had gezworen terug te keren.

Zijn aanvankelijke strategie om de Japanners op de grond te bevechten en zo op te trekken langs de kust bleek zeer kostbaar in termen van manschappen, materieel en tijd. Hardnekkige Japanse verdediging kon alleen ten koste van enorme inspanningen worden overwonnen. Hij schakelde daarom over op een strategie van herhaalde amfibische invasies om zo grote Japanse troepenconcentraties te isoleren en langzaam uit te hongeren.

Die strategie kon alleen slagen bij een volledig luchtoverwicht door de Geallieerden. MacArthurs luchtmacht bevelhebber, generaal Kenney, ontwikkelde met zeer beperkte middelen effectieve methodes om de Japanse luchtmacht uit te schakelen en de bevoorrading over zee af te snijden. Er was voor de Japanse legers geen andere manier van bevoorrading, vervoer over land was door het onherbergzame terrein van Nieuw Guinea zo goed als onmogelijk.

Kenney ontwikkelde innovatieve aanvalsmethodes om de Japanners overal te treffen, altijd onder dekking van een paraplu van jachtvliegtuigen. Zo gooide hij strafers in de strijd, lichte of middelzware bommenwerpers van het type A-20 of B-25 met een neussectie gevuld met tot maximaal 12 stuks .50 machinegeweren. Om vliegvelden en andere installaties vanaf lage hoogte aan te kunnen vallen ontwikkelde hij de parafrag bom, een lichte bom onder een parachute die er zo voor zorgde dat de bommen langzaam naar beneden vielen en zo de bommenwerpers niet in de eigen explosies terecht kwamen. Tegen scheepsdoelen brachten zijn vliegers skip-bombing en mast head attacks in stelling, hun bommen als steentjes over het water keilend zodat ze veel meer kans hadden een Japans schip te raken dan de bommen van grote hoogte naar beneden te gooien op een hevig manoeuvrerend schip.

Om het vliegbereik van zijn jachtvliegtuigen te vergroten, wat bij de enorme afstanden in Nieuw Guinea hard nodig was (ruim 1.400 kilometer bijvoorbeeld van Hollandia naar Biak heen en weer), vroeg Kenney of Charles Lindbergh, de beroemde oceaanvlieger, zijn vliegers kon leren zuinig met brandstof om te gaan. Immers, als je de Atlantische Oceaan over kon vliegen met een klein vliegtuigje, had je daar zeker verstand van! Met hulp van Lindbergh persten de jachtvliegers 600 mijl in plaats van 400 uit hun P-38 jagers en dachten zelf over 800 mijl. Daarmee kon Kenney de beschermende paraplu verder uitstrekken en het zo MacArthur mogelijk maken langere sprongen te maken met zijn invasies.


U.S. Army Signal Corps officer Gaetano Faillace
U.S. Army Signal Corps officer Gaetano Faillace

Op 22 april 1944 namen zijn troepen Hollandia in, de eerste plaats op Nederlands grondgebied en vanaf dat moment lange tijd de locatie van het hoofdkwartier van MacArthur.

Na de invasie van Morotai (september 1944) bogen de Amerikanen naar het noorden af om de Filipijnen te bevrijden en Mac Arthur ging op 20 oktober 1944 op Leyte aan land.

De oorlog op Nieuw Guinea was daarmee niet ten einde. Tot het einde van de oorlog op 15 augustus 1945 bleven vooral de Australiërs en Nederlanders de Japanners op het eiland bestoken, hoewel daar weinig militaire noodzaak meer voor was aangezien de Japanners geen kant op konden.


Tussen de eerste Japanse aanvallen in het voorjaar van 1942 en het einde van de oorlog in augustus 1945 zijn boven Nieuw Guinea duizenden vliegtuigen neergestort, neergeschoten, verdwenen, zijn geditched, hebben noodlandingen gemaakt en zijn door gebrek aan reserveonderdelen achtergelaten. Honderden daarvan zijn Geallieerde vliegtuigen waarvan het verlies redelijk goed gedocumenteerd is. Vele, vele honderden zijn Japanse toestellen waarvan nauwelijks of geen documenten zijn.

In de onherbergzame gebieden op het ontoegankelijke eiland liggen zij te wachten op ontdekking, soms nog met de bemanning in of naast het toestel. Bemanningen die een oorlogsgraf verdienen, van welke partij zij ook deel uitmaakten. De zoektocht naar deze toestellen en bemanningen en de vliegvelden waarvan zij opereerden, is het doel van de New Guinea Air War Expedition 2018.